Toppers over 71 jaar CHIO Rotterdam: Emile Hendrix

CHIO
DSC 0002

We merken in deze serie hoe enthousiast vrijwilligers kunnen vertellen over “hun” concours. Ook ruiters zijn vol lof over het CHIO Rotterdam. Bijna vanzelfsprekend dus, dat als je een ruiter aan het woord laat, die na zijn mooie carrière bestuurslid werd en nog steeds betrokken is als lid van de Raad van Advies, de woordenstroom over ons concours bijna oneindig is. Hoewel hij zelf zegt dat hij niet goed is in terugkijken en jaartallen, valt dat reuze mee. Net als zijn voorgangers in deze serie toppers over 71 jaar CHIO, Piet Raaijmakers sr, Jos Lansink, Johan Heins, Tineke Bartels en Coby van Baalen rijdt ook deze topper nog steeds één à twee paarden per dag. Na Brabant, Gelderland, Twente en Drenthe nu uit de provincie Limburg: Emile Hendrix.

Toen hij vijftien jaar oud was, kwam hij voor de eerste keer in Rotterdam, in 1970 samen met zijn vader. Emile begint zijn verhaal: “Mijn vader was een groot paardenliefhebber en in die tijd had je eigenlijk maar drie grote concoursen in Nederland; outdoor het CHIO Rotterdam en indoor Jumping Amsterdam en Indoor Brabant. Ik kan me er weinig van herinneren, behalve dat ik mijn ogen uit keek, van het platteland in Limburg naar de stad Rotterdam, dat was een heel avontuur. In 1974/1975, rond mijn twintigste, moet ik voor de eerste keer als ruiter aanwezig zijn geweest, met het paard Dimple van de volbloedhengst Eratosthenes een hengst waarvan er tijdens dat concours 6 nakomelingen liepen. Ik weet nog, dat ik reed tussen alle grote namen van die tijd; Johan Heins, Anton Ebben, Harry Wouters en Henk Nooren. Ik denk dat ik totaal ca. twintig keer in Rotterdam heb mogen rijden. Mijn mooiste herinnering is zonder twijfel dat ik onderdeel was van het Nederlandse team dat in 1993 voor de derde keer de landenwedstrijd in Nederland won. De eerste twee keren waren in 1955 en 1991. Geweldig was dat, winnen in eigen land was toen echt een hele grote uitdaging. Ik reed in 1993 het paard Anadolu Arabian.

Terugkijkend op mijn gehele carrière denk ik het liefst terug aan 1991 toen ik in La Baule met Optiebeurs Aldato EK goud won met het team. Ook heb ik diverse mooie Grote Prijzen gewonnen, waarvan de mooiste misschien wel de laatste was, met Finesse in Geesteren, toen ze terug kwam van een blessure”.

Emile Hendrix

Emile kwam later terug in Rotterdam en wel in een bijzondere functie, als bestuurslid directeur sportief springen. Tot deze vraag vertelde hij rustig en moest hij soms nadenken over zijn antwoorden. Echter als we vragen naar die tijd is hij bijna niet te stoppen: “Ik ben bestuurslid geweest van 2005 tot 2013, de volle negen jaar die je bestuurslid mag zijn. Het CHIO Rotterdam had het best moeilijk in die tijd. Er was een nieuwe voorzitter, Frans Lavooij, die wilde vernieuwen. Via Hugo Smit werd ik benaderd. Ik vond dat moeilijk, want ik moest Jan Willem Körner opvolgen, een boegbeeld van het concours, die zich zo ontzettend heeft ingezet voor het evenement. Het CHIO had veel charme met veel vrijwilligers en veel kinderen van de manege die op jonge leeftijd al hielpen. Iedereen deed ontzettend zijn best. Frans Lavooij wilde dat graag zo houden, maar hij wilde ook meer professionaliteit en met de tijd mee gaan. Ik vond het een eer om gevraagd te worden, het CHIO vindt plaats op een schitterende locatie, het is één grote familie en het is er altijd gezellig. Ik kende er al veel mensen en wilde er graag aan de gang.

Veel veranderingen

Het was een geweldige tijd, maar ook een tijd van veel grote veranderingen, zoals ik al zei. Voorzitter Frans Lavooij wilde vooruitgang en dat is gelukt. Hij heeft van het CHIO weer een bruisend evenement gemaakt. Voorbeelden van wat er in die tijd veranderd is: er werd meer gewerkt met profs en niet alleen maar met vrijwilligers en de hoofdpiste is van gras naar zand gegaan. Hoe mooi gras ook was en hoe gevoelig dat ook lag bij de Rotterdamsche Manège. Het gras was heilig in het Kralingse bos …….. Ook hebben we een EK mogen organiseren, is het CHIO onderdeel geworden van de Samsung Super League en hebben we het stallenterein aangepakt. We hebben goed over het programma nagedacht, het prijzengeld is verhoogd en ook het voorterrein is van gras naar zand gegaan. Nog een belangrijke verandering was om de dressuur van het bosstadion naar het hoofdstadion te verhuizen. Dat is vooral door de toenmalige directeur dressuur Tineke Bartels geregeld. Tenslotte is de Grand Stand gebouwd. Hiervoor wil ik Frans Lavooij alle credits toeschuiven, hij was degene die dit in een moeilijke tijd durfde en wist te bewerkstelligen”.

Emile praat vol warmte en enthousiasme over het CHIO Rotterdam. We zijn benieuwd wat voor hem zo bijzonder is aan het evenement behalve dat hij er vaak gereden heeft en er aan verbonden is geweest: “De locatie is natuurlijk geweldig, ook al heeft die ook nadelen. Het bos is schitterend, uniek, echter ook moeilijk. De opbouw en de logistiek zijn niet makkelijk. Er is wel eens naar een andere locatie gekeken, maar er was toch geen betere te vinden. Misschien is die logistiek, de bereikbaarheid en het parkeren ook de reden dat de publieke belangstelling niet is wat ik vind, dat het CHIO Rotterdam verdient. Ik heb dat nooit begrepen, dat ondanks de vele maneges in de buurt het CHIO niet elke dag volle tribunes heeft. Natuurlijk zijn er wel uitverkochte rubrieken, maar een evenement als Rotterdam verdient dat elke dag, elke rubriek ! Ik heb wel eens gezegd dat de een parkeergarage onder het CHIO terrein de perfecte oplossing is voor alle logistieke problemen”.

Nog steeds actief

Inmiddels is de maximale bestuurstermijn van Emile voorbij. Ook is hij niet meer actief in de wedstrijdsport. We zijn benieuwd hoe hij zijn dagen vult, maar daar hoeven we ons geen zorgen over te maken: “Ik heb nog een aantal bestuursfuncties, bij de KNHS, het Nederlands Olympisch Paard (N.O.P.), het Springpaarden Fonds Nederland (SFN) en Equestrian Centre De Peelbergen. Daarnaast ben ik door Covid-19 weer wat actiever aan het rijden en ben op onze Stal Hendrix actief in de handel en de training/begeleiding van ruiters. Zelfs in deze tijd heb ik zelden een moment dat er niets gepland is. Mij hoor je dus ook niet klagen, ik kan nog rijden en ons bedrijf loopt nog steeds redelijk goed. Wat ik ook prettig vind is dat ik, sinds het bedrijf twee jaar geleden aan mijn zoon is overgedaan, minder druk voel. Ik kan meer doen wat ik leuk vind en genieten van mijn kinderen en kleinkinderen. Vroeger heb ik dat wel gemist, ik was gewoon te druk. Wat ik wel moeilijk vind, is dat we niet weten wat de toekomst gaat brengen, hoe lang het nog gaat duren voor alles weer redelijk normaal is.

Emile Hendrix te paard

Als alles weer normaal is, ben ik tevreden, dan is het goed. Het klinkt cliché, maar ik heb geen dromen meer, alleen dat we allemaal gezond blijven. Ik voel me gezegend met wat ik nu heb. Natuurlijk hoop ik dat de kinderen succesvol zullen zijn en dat zij en de kleinkinderen een leuk leven kunnen leiden, maar dat zijn wensen, geen dromen. Natuurlijk hoop ik voor mezelf dat ik nog lang op een paard kan zitten. Buiten de familie hoop ik dat onze geweldige sport nog 100 jaar kan blijven zoals hij is, dat we uit kunnen stralen hoe goed we voor onze paarden zijn, hoe goed ze het bij ons hebben. Ik maak me hier wel zorgen om, bijvoorbeeld door de streaker op het EK in Rotterdam. Dit geeft negatieve signalen naar de buitenwereld. Een belangrijke opdracht voor paardenminnend Nederland dus: Zorg dat het imago van onze sport goed blijft!“

In een interview met Emile en zijn broer Paul hoorden we onlangs dat Emile als Limburger gek is op voetbal en fan is van het Amsterdamse Ajax. We vragen hem of hij nog meer hobby’s heeft die leuk zijn om met ons te delen. En die heeft hij: “Ik ben een grote muziekliefhebber en ben in de gelukkige omstandigheid dat ik heel veel concerten heb kunnen bezoeken waarvan een groot deel in Rotterdam. Mijn smaak is heel divers, zo ben ik bij Lee Towers geweest, bij Diana Ross, Billy Joël, de Dire Straits, Rolling Stones, Brian Adams, de Golden Earring, Michael Jackson, Madonna en natuurlijk Bruce Springsteen, die ik ook persoonlijk ken. Onvergetelijke momenten hebben al deze artiesten mij en mijn familie gebracht, ik heb daar bewust tijd voor gemaakt”.

Net als iedereen mag ook deze nestor van onze sport het gesprek zelf afsluiten. Kort, maar zeer krachtig is zijn antwoord, maar weer met de warmte, die dit gesprek volledig gekenmerkt heeft: “Ik hoop dat het CHIO Rotterdam nog vele jaren mag blijven bestaan, dat we er kunnen genieten van gezelligheid en prachtige sport en dat ik dat nog jaren mee mag komen genieten.”

Mooie woorden Emile. We gaan ons uiterste best doen en jij zult altijd meer dan van harte welkom zijn !

  • Deel dit artikel